Onschuldig en lachwekkend

Toen ik startte met project ‘Vijfentwintig Obsessies’ van Godijn Publishing, wilde ik een verhaal schrijven, waarin ik een obsessie op de hak neem. Niet om opzettelijk iemand te kwetsen, maar om aan te geven dat ik veel obsessies eigenlijk onschuldig en lachwekkend vind. Het was moeilijker dan gedacht, je zet al snel iemand neer als een idioot en dat is uiteraard niet mijn bedoeling. Toch denk ik dat het me gelukt is een verhaal te schrijven met een knipoog, als feedback kreeg het: ‘Leuk, een obsessie die voor de lezer komisch is om te lezen’.

Hebben we niet allemaal een obsessie? Ik wel, namelijk…

Lees verder

Spanwijdte

VampenheldSpanwijdte staat sinds vandaag in e-Zine Vamp en Held, de dubbeldikke valentijnspecial. In Spanwijdte wordt duidelijk dat valentijnsverrassingen niet altijd uitpakken zoals je het te voren gedacht had. Maar er komt een moment, en dan is het paybacktime. Wist je dat een volwassen vrouwtje van een zeearend een spanwijdte heeft van twee meter? Mannetjes zijn 25% kleiner. Wie trekt er aan het kortste eind?
Tegen betaling (€1,79) te downloaden in de Appstore of bij GooglePlay.

De grote drie

‘Au!’ Frank kon nog maar net een vloek onderdrukken. Zijn linkerhand graaide naar zijn oor terwijl zijn rechterhand zijn pet weer strak om zijn hoofd trok. Wat was dat? Hij voelde een koude, natte kledder. Sneeuw. Zijn ogen bespeurden zenuwachtig de omgeving.
Hij rook onraad, wist dat er iets niet juist was. Net toen hij zich omdraaide, werd hij van achteren aangevallen.
Een onbekende stem fluisterde in zijn oor: ‘Ik weet wel wie jij bent, jij bent die viezerik.’
Een extra ruk aan zijn hoofd zorgde ervoor dat zijn pet weer scheef zat. Snel trok Frank hem weer tellend recht en probeerde zich intussen zo vlug mogelijk om te draaien. Niemand te bekennen. De omgeving voelde nog steeds onrustig aan, Frank besloot zo snel mogelijk, in zijn normale tendens, naar huis te gaan.

Lees verder

Een nieuwe lente, een voorproefje

Met een narcis tussen zijn tanden geklemd, staat Oscar in de deuropening van mijn keuken. In zijn handen heeft hij een enorme bos. Twee helderblauwe ogen kijken mij aan: ‘Voor mijn schone liefde’, weet ik te ontcijferen uit het gemompel dat Oscar door de bloem uitbrengt.
Ik schaterlach bij de aanblik, het is aandoenlijk. ‘Waarom zo veel?’ vraag ik hem lachend, ‘en hoe kom je er aan?’
Oscar knielt voor me en laat de narcis in mijn schoot vallen.
Lees verder

Wish you were here

‘Shit! Ik schrik me rot man.’ Met een diepe en trillende zucht draai ik me om, in de volle overtuiging dat Rick achter me staat. Een vreemde man kijkt me dreigend aan. Nog geen tien seconden geleden is hij schreeuwend en op mijn rug slaand achter me tot stilstand gekomen. Mijn hart bonkt in mijn keel en voor ik het in de gaten heb, heeft de man mijn armen op mijn rug in een vreemde hoek gedraaid. Ik jammer en probeer te schreeuwen, maar ben door angst verlamd.

29 februari 1952 – 29 februari 2012

Wij nodigen u uit om onze vijftiende huwelijksdag op woensdag 29 februari 2012 met ons te vieren. En dat na zestig jaar lief en leed! U bent van harte welkom in de Fruithof. Om 15.00 uur snijden wij de bruidstaart wederom aan en klinken we op ons aller gezondheid.

Jan en Marie de Vries

Lees verder

Laat me met rust…

‘Meneer!’
Onder misschien wel de grootste boom in het Klaverpark staat een meisje met haar hand om haar mond naar boven te roepen.
‘Meneer!’
Ik loop naar haar toe en vraag of ik haar ergens mee kan helpen.
‘Kijk’, zegt ze verwonderd, ‘er zit een man in de boom’.
Verbaasd kijk ik omhoog en warempel, helemaal bovenin, minstens vijf meter hoog, zie ik een man zitten.

Het meisje vervolgt: ‘Meneer, hier beneden, hier ben ik’. De man hoort haar niet, of hij doet net of hij haar niet hoort.
Ik begin ook te roepen, zonder resultaat.
Ik kijk het meisje aan en zeg: ‘Weet je wat, ik tel van vijf tot nul en bij nul roepen we samen’. Ze knikt en samen roepen we op ons hardst: ‘Menéhéér!’ Lees verder

Mooie bloem

Gepubliceerd in de verhalenbundel Zomertijd 4 van Jaylen Books.

Mooie bloem

Een grote ballon verschijnt als ineens in mijn gezichtsveld. Ik schrik. De eigenaar van de ballon, een klein jongetje, wordt door zijn moeder aan zijn arm weggetrokken.
‘Kijk nou toch uit, je loopt bijna tegen die mevrouw aan.’ Ze kijkt mij aan en zegt verontschuldigend: ‘Sorry’.
Ik knik naar haar. Mijn blik zegt ‘geeft niet’.

Lees verder